Sleutelervaring ruimte: Activiteiten

De sleutelervaring ‘ruimte’ is een van de lastigste sleutelervaringen om goede activiteiten bij te verzinnen.

Wat bedoelt men met de sleutelervaring ‘ruimte’?
Baby’s beginnen al ruimtelijke relaties al te begrijpen door de mensen en dingen die in de ruimte met hun ogen te volgen. Later leren ze door de ruimte voort te bewegen door zich op de buik voor te bewegen, te kruipen en te lopen naar de dingen of personen die hun aandacht hebben getrokken. Zo gaan ze ook zoeken naar bijvoorbeeld dat autootje dat onder de kast is gerold. Of de pop die onder de kussens van de bank ligt.
Ze sjouwen rond met dingen en brengen het van de ene kant van de kamer naar de andere. Ook met het in- en er uithalen van bijvoorbeeld een sjaaltje in een blik kan ze uren vermaken. Als kinderen wat ouder zijn vinden ze het leuk om te glijden van de glijbaan, gaan ze puzzels maken en met blokken torens maken. Nu kunnen ze ook taal gebruiken om te vertellen wat ze gaan doen of gedaan hebben. Ook bedenken ze nu dat iemand er nog wel is, ook al zijn ze niet in hun zicht. Vooral het ervaren van de ruimtelijke begrippen maakt dat kinderen er van leren.
(Tekst , gebaseerd op en uit: Actief leren, handboek voor begeleiders en leerkrachten van jonge kinderen, uitgegeven door Thiememeulenhoff)

Ik verzamelde activiteiten waarbij je met de peuters kunt oefenen met deze sleutelervaring. Sommige activiteiten doe je vast al met de peuters tijdens het dagelijkse
programma. 
Andere kun je doen tijdens het speelwerken of speel leren in de kleine of groep.

Voor alle activiteiten geldt dat daarbij taal gebruiken waarbij je de activiteit voor de peuters ‘ondertiteld’ belangrijk is! Een oudere peuter zal zelf ook gaan benoemen wat het ziet, doet en ervaart.

Tijdens dagritme:
* Zelf handschoenen of wanten aandoen
* Zelf schoenen aandoen en zelf de klittenband dichtdoen
* Zelf jas aandoen en de rits dichtdoen
* Vooruitkijken bij het speelwerken en dan door een verrekijker naar de hoek laten zoeken

Als activiteit tijdens het speelwerken:
* Met (duplo)blokken spelen
* Puzzels maken
* Foto’s maken van bouwwerken en deze ophangen in de bouwplaats

Als activiteit in de kleine groep:
* Spiegelen: bijvoorbeeld met een liniaal en dan aan beide zijden hetzelfde laten leggen met loose parts. Om het spiegelen te ervaren kun je ook eerst een dubbele spiegel aanbieden zodat de peuters ervaren dat wat ze voor de spiegel neerleggen vaker kunnen zien.
* Vullen en legen: Het vullen en legen van bakjes met zand, water, bloem, steentjes, schelpen.
* Schroeven en moeren in elkaar laten draaien
* Beplakken van een doos (in, op, onder, etc)
* Met klei spelen (bijvoorbeeld poppetjes maken of materiaal zoals pijpenragers of ijsstokjes toevoegen)
* Foto’s die genomen zijn tijdens activiteiten samen bekijken en erover praten
* Het passen en meten van diverse deksels op diverse blikken (verschillende maten)

Als activiteit in de grote groep:
* Wandelen door de buurt
* Alles op z’n kop bekijken (bijvoorbeeld tijdens het buiten spelen)